Home
Wie ben ik? About Me
Blog KidsTennis
Andere kijk op Tennis
Tennis Teaching
Opkomend Talent
Online Tennisles Tennisles (video's)
Artikels (+video's)
Fun Jouw Webpagina
Speel Gratis & Win
Own the zone!
Amazing Tennis
Stay in touch Links
Contact
Archief e-zine
Nieuw(s)
Become a member Registreer Gratis

Klik hier voor een Auto Feed
XML RSS
Add to Google
Add to My Yahoo!
Add to My MSN
Subscribe with Bloglines


TENNIS TEACHING GBA (ST)


Hier vind je de kernbegrippen van de TENNIS TEACHING GBA methode


Welke spelsituaties kennen we?

1. Het beginspel (start)

Een punt ‘start’ steeds met een opslag en terugslag volgt als er geen dubbele
fout wordt geslagen.

Opslag - Terugslag

2. Het achterveldspel (rally)

Met een 'rally' wordt het achterveldspel uitgevochten.

Baseline - Baseline

3. Het transferspel (approach)

Een ‘approach’ naar het net ondernemen na het aanpakken van een te kort
gespeelde shot van de tegenstander en het tegenspel verwerken op weg
naar het net is onderdeel van het transferspel.

Opkomen – Tegenspel

4. Het voorveldspel (volley)

Met een ‘volley’ wordt uiteindelijk bij het netspel voor het punt gegaan,
maar deze kans om te scoren ziet men dikwijls verijdeld door het tegenspel
van de tegenstander bv. met een lob of passing.

Netspel - Tegenspel




Wat is een shot-situatie?

Een SHOT-SITUATIE is de kern van het GBA concept!
Een shot-situatie bestaat uit 2 blokken met verschillende 'elementen'.

Een 'context' of 'uitdaging' en een 'respons' of 'antwoord'.

Het aantal elementen van de context verschilt voor een starter, recreant, gevorderde en elitespeler!

Hoe hoger het speelniveau hoe meer elementen er worden gebruikt (gezien in de context) om de optimale respons te kiezen

bv. Een shotsituatie met de 'elementen' voor een gevorderde:

1. Een context

a. de locatie van de tegenstander

b. de aankomende bal (de balkwaliteiten)

c. de relatieve moeilijkheidsgraad (persoonsgebonden gevoel)

2. De respons

a. shot-intentie = Neutraliseren, Initiatief nemen of Scoren

b. shot-keuze (Fx,Bsl,Fio,BVdrx,...)

c. de vertrekkende bal (= 5 balkwaliteiten)

d. herplaats-locatie



De 'shot-intenties'

1. Neutraliseren (Stay in the point).

Hoofdbedoeling is om je respons te doen lukken!

===>zodat je het punt niet direct verliest!

De context is dermate moeilijk dat je enkel kunt kiezen voor de intentie neutraliseren. Dat betekent ook dat je uit weinig goede shot-keuzes kan kiezen.

vb. Je tegenstander beantwoordt jou half diepe shot (= gemakkelijke uitdaging) met een strakke bal diep in de hoek naar je backhand en komt op naar het net.

Een goede shot-keuze om deze moeilijke uitdaging aan te gaan is door een hoge bal over de netspeler (lob), cross (diagonaal) in het achterveld te slaan.

2. Initiatief nemen (Take initiative)

Hoofdbedoeling is het afdwingen van een ZWAKKE respons!

===> zodat je met je volgende shot-keuze misschien wel het punt kunt winnen/scoren!

3. Scoren (Take the point).

Hoofdbedoeling is het afdwingen van een MISLUKTE respons!

===>zodat je het punt te wint!

Tegenstander kan niet aan de bal geraken of slaat deze mis betekent hier maw het punt winnen!



De 'shot-keuzes'

Shot-intenties zijn prima om een tactische structuur aan te reiken maar te algemeen om in de praktijk de vele mogelijkheden , vooral in de intentie "INITIATIEF NEMEN" preciezer te bepalen en daarom hebben we verfijning nodig onder de vorm van shot-keuzes.

De shotintentie = ‘Neutraliseren’.

Shot-keuzes: Neutraliseren en Counteren

De shotintentie = ‘Initiatief nemen’.

Shot-keuzes: Opbouwen - Aanvallen - Approach

De shotintentie = ‘Scoren’.

Shot-keuzes: Scoren en Counteren



Shot-keuzes nader bekeken?

Ook hier is het speelniveau bepalend voor de optimale keuze uit de brede waaier van shot-keuzes. Vanuit de strategie bepalen we de tactiek. De context in een shot-situatie bepaalt dan je shot-intentie. Eenmaal gedreven in het kiezen van de juiste intentie wordt de aandacht verlegd naar de verfijning hiervan maw de optimale shot-keuze.

Uiteindelijk wordt er steeds meer aandacht gegeven aan de optimale balkwaliteiten voor de gekozen shot-keuze ifv de mogelijkheden van de speler(ster).


I. LEER-STRATEGIEËN

  • Fase 1: ‘Lukken’ en ‘Lukken in beweging’
  • Fase 2: ‘Lukken’ en ‘Doen mislukken’
  • Fase 3: ‘Lukken’, ‘Doen mislukken’ en ‘Scoren’

  • II. TRAIN-STRATEGIE

  • Fase 4: ‘Speltypische strategieën'

  • III. WEDSTRIJD-STRATEGIE

  • Fase 5: ‘Speelstijltypische strategieën'



    !!! De train -en wedstrijdstragieën (fase 4 en 5) volgt op een latere tijdstip indien er interesse voor is....
    dus laat mij het maar weten via het contactformulier.


Fase 1:

De shotintentie = ‘Neutraliseren’.

Elke context is voor een starter een moeilijke opdracht dus gaat de volle aandacht naar het 'doen lukken' en 'doen lukken in beweging' van zijn respons.

Deze 1ste fase is gekenmerkt door het vooral aanbieden van vele dynamische leervormen en oefenvormen.

Partneroefeningen (met elkaar) in spelvormen zijn zeer geschikt en uiteraard met stip te gebruiken.

Weinig technische instructie, vooral visuele demo's ondersteund met sleutelwoorden (verwijzend naar een gekend gevoel)!

De motorische vaardigheden worden aangescherpt door AANGEPASTE SITUATIES!

Fase 2:

De shotintentie = ‘Neutraliseren’.

Deze intentie wordt nu met meerdere shot-keuzes uitgebreid of verfijnd ifv verre laterale (links/rechts) verplaatsingen.

De shotintentie = ‘Initiatief nemen’.

De hoofdbedoeling is een zwakke respons afdwingen door tg in TIJDNOOD te plaatsen (= doen mislukken)!

In deze fase worden de wedstrijdvormen (tegen elkaar) geïntroduceerd.

De speler is/wordt zich bewust van de balkwaliteiten van haar shots en zal dan nu ook trachten de tegenstander in moeilijkheden te brengen om een zwakkere respons af te dwingen = ‘doen mislukken’.

  • Opbouwen= een niet zwakke noch zeer sterke respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende precisie om eigen !optimale velddekking! te blijven behouden en tegelijk de tg uitdagen met een moeilijke opdracht!

  • Aanvallen = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende tempo
    ---> !handelingssnelheid!

  • Aanvallen = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende plaatsing
    ---> !achtervelddekking!

  • Tegenaanval = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende precisie
    ---> !voorvelddekking!

  • Approach = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende precisie die het 'veilig' oplopen naar het net mogelijk maakt
    ---> !ritme & koelbloedigheid!
  • Fase 3:

    De shotintentie = ‘Neutraliseren’.

    Deze intentie wordt nu met meerdere shot-keuzes verfijnd of verder ontwikkeld ifv verre longitudinale (voor/achter) verplaatsingen.

    De shotintentie = ‘Initiatief nemen’.

    Deze intentie wordt nu met meerdere shot-keuzes verfijnd of verder ontwikkeld ifv het verstoren van de TIMING:

  • Opbouwen = een niet zwakke noch zeer sterke respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende variatie in tempo om eigen !optimale velddekking! te blijven behouden en tegelijk de tg uitdagen met een niet makkelijke opdracht!
    ---> !ritme
  • Aanvallen = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende variatie in rotatie
    ---> !ritme & contacthoogte!
  • Aanvallen = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende variatie in plaatsing
    ---> !ritme & comfortzone!
  • Aanvallen = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende variatie in precisie
    ---> !ritme & contacthoogte & comfortzone!
  • Approach = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende variatie in precisie die na het oplopen naar het net een grote scoringskans biedt
    ---> !ritme & koelbloedigheid!
  • Tegenaanval = een zwakkere respons beantwoorden met een shot-keuze met voldoende variatie in precisie die het 'veilig' oplopen naar het net sterk bemoeilijkt
    ---> !ritme & koelbloedigheid!
  • De shotintentie = ‘Scoren’.

    Een noodzakelijke stap in de ontwikkeling is willen scoren telkens als de tg een zwakke respons heeft op de context!

    1. in eerste instantie het 'durven' naar zich toe trekken van het punt in een voordeelsituatie (=makkelijke context) die men herkent.

    2. vervolgens deze situaties 'kunnen' afdwingen en

    3. uiteindelijk doelgericht 'willen' afwerken.



    Uit welke balkwaliteiten bestaat een shot?

    Een shot bestaat uit 5 balkwaliteiten:
    (voor een uitgebreid artikel 'SARAH' –>
    klik hier)

    1. een bepaald balgedrag:

    - vaart of snelheid; lage, matige of hoge snelheid
    - hoeveel effect;
    weinig, matig of veel spin
    - type effect;
    topspin, backspin, slice of combinatie

    2. een bepaald baltraject:

    - lengte; kort, halfcourt of diep
    - richting;
    pare zijde, centraal of onpare zijde
    - hoogte;
    strak, in boogvorm, lob (hoge boog)



    Shot-functies?

    Een shot-functie is een combinatie van de balkwaliteiten.Elke shot wordt bepaald door alle kwaliteiten, wel kan één of meerdere van die kwaliteiten belangrijker of doorslaggevender zijn voor je shot-keuze.

    Aan elke shot-keuze hangt een dominante shot-functie vast.

    • Neutraliseren ==> ROTATIE
    • Counteren (Neu) ==> ROTATIE
    • Opbouwen ==> VAART
    • Aanvallen ==> TEMPO
    • Approach ==> PLAATSING
    • Scoren ==> PRECISIE
    • Counteren (Sco) ==> PRECISIE


    Shot-keuzeShot-functies RICHTINGLENGTESNELHEID SPINHOOGTE
    NEUTRALISEREN
    ROTATIE
    ...
    +
    ...
    +++
    ++
    OPBOUWEN
    VAART
    +
    ++
    +++
    ...
    ...
    APPROACH
    PLAATSING
    ++
    +++
    ...
    +
    ...
    COUNTEREN (neutraliseren)
    ROTATIE
    ...
    +
    ...
    +++
    ++
    COUNTEREN (scoren)
    PRECISIE
    +++
    ...
    +
    ...
    ++
    AANVALLEN
    TEMPO
    +++
    ...
    ++
    +
    ...
    SCOREN
    PRECISIE
    +++
    ++
    +
    ...
    ...



    Van Game Based Approach naar Teaching Tennis







    SideBar




    GBA-methode

    De beste online informatiebron voor trainers mbt situatietraining kan je vinden op:

    ACE COACH

    ACE COACH







    KERNBEGRIPPEN

    (Voor meer uitleg klik op de linken)

    SPEL-SITUATIES

    1. Opslag
    2. Terugslag
    3. Baseline
    4. Approach & tegenspel
    5. Netspel & tegenspel

    SHOT-SITUATIES

    • context
    • respons

    STRATEGIËN

    • FASE 1-2-3: LEERSTRATEGIEËN
    • FASE 4: SPELTYPISCH
    • FASE 5: SPEELSTIJLTYPISCH

    SHOT-INTENTIES

    • Neutraliseren
    • Initiatief nemen
    • Scoren

    SHOT-KEUZES

    • Neutraliseren
    • Counteren
    • Opbouwen
    • Aanvallen
    • Approach
    • Scoren

    BALKWALITEITEN

    • Snelheid
    • Type spin
    • Richting
    • Hoeveel spin (toeren/m)
    • Hoogte

    SHOT-FUNCTIES

    • Tempo
    • Plaatsing
    • Precisie
    • Vaart
    • Rotatie
    • Spin